Wanneer gebruik je dit?
- Bij het ontwerpen of beoordelen van de levenscyclus van een gegevenstype.
- Bij gewijzigd gebruik, delen of beëindiging van regulier gebruik.
- Om hiaten in bewaren, archiveren, verwijderen en verantwoordelijkheden zichtbaar te maken.
- Om dekkingsvragen rond primaire data, kopieën, back-ups en ontvangers expliciet te maken.
Lifecycle is meer dan een rij fasen
Een Data Lifecycle Model beschrijft in deze EAW-uitwerking welke toestanden een afgebakend gegevenstype kan hebben, welke gebeurtenissen een overgang kunnen starten en welke voorwaarden aantoonbaar moeten gelden. Het product bestaat uit een Lifecyclekaart, een Lifecycleregister en een Beleids- en onzekerhedenregister.
De toestanden ST-01 tot en met ST-06 en overgangstypen T-01 tot en met T-05 zijn EAW-werkafspraken, geen universele standaard. USGS gebruikt voor wetenschappelijke data een andere lifecycle en behandelt onder meer documentatie, kwaliteit en backup/security als doorlopende aandachtspunten. Dat ondersteunt juist dat een lifecycle niet als één universele lineaire keten moet worden gepresenteerd.
Toestanden, activiteiten en gebeurtenissen
Het EAW-startmodel onderscheidt Ontvangen/gemaakt, Actief, Niet-actief bewaard, optioneel Gearchiveerd, Verwijdering in uitvoering en Verwijderd binnen scope. Onderhouden, gebruiken en delen zijn activiteiten binnen voorwaarden; ze zijn niet automatisch afzonderlijke exclusieve fasen.
Archivering is alleen een route wanneer een toepasselijk besluit en beheerafspraken dat dragen. Een verwijderaanleiding kan daarom vanuit meerdere toestanden naar Verwijdering in uitvoering leiden. De eindtoestand Verwijderd binnen scope vereist controle van de afgesproken gegevensscope en het uitvoeringsbewijs.
Bewaren zonder fictieve zekerheid
Leg doel/noodzaak, beleidsbron en versie, startgebeurtenis, duur of beslisregel, besluitrol en eventuele uitzondering afzonderlijk vast. De Autoriteit Persoonsgegevens geeft aan dat de AVG geen algemene concrete bewaartermijn voor persoonsgegevens bevat; organisaties moeten bepalen wat in hun situatie noodzakelijk is en rekening houden met andere wettelijke termijnen.
Een afgehandelde aanvraag is daarom niet automatisch een bewezen startmoment van een wettelijke termijn. Is een regel onbekend, registreer dan te valideren met een issue, impact, validatierol, actie en afsluitvoorwaarde.
Het Nationaal Archief laat binnen het DUTO-proces vernietigen zien dat onder meer einddatum/gebeurtenis, bewaartermijn, informatiecategorie en verantwoordingsmetadata samen nodig kunnen zijn om vernietiging te bepalen en te verantwoorden. Die context geldt voor overheidsinformatiebeheer; dit EAW-product veronderstelt niet dat een specifieke DUTO-regel op iedere organisatie van toepassing is.
Verwijderopdracht is nog geen bewijs
Scheid besluit, uitvoering en verificatie. Leg vast welke primaire registratie, kopieën en afgeleiden, back-ups, externe ontvangers en eventueel behouden verantwoordingsmetadata zijn onderzocht. Een afgeronde actie voor de primaire registratie sluit andere scopeonderdelen niet automatisch af.
De Autoriteit Persoonsgegevens behandelt back-ups expliciet bij het recht op gegevenswissing. Wanneer persoonsgegevens niet direct uit moeilijk overschrijfbare back-ups kunnen worden verwijderd, moet worden voorkomen dat zij bij herstel opnieuw in gebruik komen zonder de benodigde verwijdering. Welke verplichting in een concrete situatie geldt, moet afzonderlijk worden beoordeeld.
Fictief voorbeeld: DLC-01 Aanvraag
Het voorbeeld gebruikt één fictief gegevenstype, DLC-01 Aanvraag. Het beoogde doel is behandeling van een aanvraag en statusinformatie aan de aanvrager. De organisatiespecifieke beleidsbron, termijntrigger, duur, formele rolmandaten, dekking van kopieën/back-ups en het uitvoeringsbewijs zijn bewust niet verzonnen en staan als U-01 tot en met U-04 open.
Alle drie views en alle zes templatepagina's blijven in het voorbeeld behouden. Daarmee demonstreert het voorbeeld zowel goede invulling als de juiste registratie van wat nog niet mag worden geconcludeerd.
Samenhang
Data Domain & Ownership levert verantwoordelijkheidscontext. Conceptual en Logical Data Model leveren betekenis en structuur. Data Flow & Lineage helpt bij het onderzoeken van kopieën, afleidingen en ontvangers. Het Lifecycle Model voegt de tijd-/toestandsdimensie en voorwaarden voor overgang toe. Het schrijft geen technisch verwijderingsscript, storage-tier of backupconfiguratie voor.
Zo werk je ermee
- Baken analysevraag, gegevenstype, modelperspectief en scope af.
- Teken relevante toestanden en voorwaardelijke overgangen; scheid toestand, activiteit en gebeurtenis.
- Vul doelen, toegestaan gebruik, overgangsvoorwaarden en besluit-, uitvoerings- en verificatierollen in.
- Leg bewaarbeoordeling, bron, versie, startgebeurtenis en duur of beslisregel afzonderlijk vast; archivering alleen indien onderbouwd.
- Controleer primaire data, kopieën en afleidingen, back-ups, ontvangers en verantwoordingsmetadata.
- Registreer iedere ontbrekende beslisgrond als issue met impact, validatierol, actie en afsluitbewijs.
Data Lifecycle Model
Maak zichtbaar onder welke voorwaarden gegevens van toestand mogen veranderen, met expliciete verantwoordelijkheden, beleidsreferenties, onzekerheden en bewijs.
EAW-werkafspraak: voorgestelde toestanden ST-01 t/m ST-06 en overgangstypen T-01 t/m T-05 zijn aanpasbaar; archivering is optioneel en gebruik/delen zijn activiteiten binnen voorwaarden.

Data Lifecycle Model — onepager
Visuele uitleg van het product, de werkwijze, kwaliteitscriteria en samenhang.
Download onepager (.png)Data Lifecycle Model — template
Bewerkbare productspecifieke template voor toepassing in je eigen context.
Download template (.pptx)Data Lifecycle Model — fictief voorbeeld
Fictief voorbeeld bij de geregistreerde versie. De controle op samenhang met de template is nog niet afgerond.
Download voorbeeld (.pptx)Controleer je resultaat
- Ieder gegevenstype heeft code, betekenis, scope en modelperspectief.
- Iedere getekende overgang heeft een code en corresponderende registerregel.
- Gebeurtenis, voorwaarde en toegestane activiteit zijn onderscheidbaar.
- Bewaarregel, startgebeurtenis, bron, versie en besluitrol zijn ingevuld of expliciet te valideren; geen verzonnen standaardduur.
- Archivering is een beargumenteerde optionele route en geen synoniem voor back-up.
- Besluitrol, uitvoeringsrol en verificatierol zijn afzonderlijk vermeld.
- Een verwijderopdracht en geverifieerde verwijdering zijn verschillende toestanden.
- Primaire data, kopieën/afleidingen, back-ups, ontvangers en bewijsmetadata zijn onderzocht of als onbekende dekking geregistreerd.
- Iedere onbekende heeft issuecode, impact, validatierol, actie en afsluitvoorwaarde.
- Template, fictief voorbeeld en onepager gebruiken dezelfde termen, codes, versie en drie views.
- Externe feiten, EAW-werkafspraken en fictieve casuskeuzes zijn van elkaar gescheiden.
Over deze uitwerking
EAW-werkwijze en werktemplate. Voorbeeldcasussen zijn fictief.
Geregistreerde productversie: 1.0. Status: In review.
USGS — Data Lifecycle ↗
Referentie voor lifecycleperspectief en doorlopende data-managementactiviteiten. Geraadpleegd 20 september 2026; EAW-toestanden zijn geen USGS-standaard.
Autoriteit Persoonsgegevens — Bewaren van persoonsgegevens ↗
Onderbouwing dat de AVG geen algemene concrete bewaartermijn voorschrijft en noodzakelijkheid/context moeten worden beoordeeld. Geraadpleegd 20 september 2026.
Nationaal Archief — Functies: Vernietigen ↗
DUTO-context voor gebeurtenis-/termijninformatie en verantwoording bij vernietigen. Geraadpleegd 20 september 2026; geen algemene toepasselijkheidsclaim.
Autoriteit Persoonsgegevens — Recht op gegevens verwijderen ↗
Context voor gegevenswissing, back-ups en bewijs van opvolging. Geraadpleegd 20 september 2026.